Recht op stakingslijfrenteaftrek bij (gedeeltelijk) beëindigen van melkveebedrijf?

Regelmatig stellen melkveehouders die hun melkvee (alsmede fosfaatrechten) hebben verkocht, maar hun onderneming in afgeslankte vorm willen voortzetten, de vraag of zij voor de winst in deze een stakingslijfrente kunnen bedingen. Denk hierbij aan de voortzetting van het bedrijf in de vorm van bijvoorbeeld een akkerbouwtak of opfok van jongvee.

Casussen voorgelegd aan de Belastingdienst

Een stakingslijfrente (of banksparen) is in specifieke gevallen mogelijk. Met betrekking tot het beëindigen van een melkveebedrijf heeft ABAB enkele casussen aan de Belastingdienst voorgelegd met de vraag of in deze gevallen sprake was van een gedeeltelijke staking.

Het betrof ondernemers met het voornemen om te stoppen met hun melkveebedrijf inclusief verkoop van het melkvee, de fosfaatrechten en aanverwante zaken, zoals de melkkoeltank, et cetera. Om een hoge belastingaanslag te voorkomen, kan worden overwogen om tegenover de boekwinst een aftrekpost te creëren. Dit kan door het afsluiten van een lijfrenteovereenkomst of het geld onder te brengen in zogenoemd bancair sparen.

Het oordeel van de Belastingdienst

De Belastingdienst beoordeelt dergelijke vraagstukken kritisch. Zij controleert of er al dan niet sprake is van een gehele staking of dat de resterende activiteiten nog als onderneming kwalificeren en er sprake is van een gedeeltelijke staking. Bij dat laatste moet het volgens de Belastingdienst gaan om een duurzame inkrimping van de onderneming. Anders komt u niet in aanmerking voor een stakingslijfrenteaftrek.

Bij de vaststelling of er sprake is van voortzetting van een onderneming, is de grootte en de winstverwachting van de onderneming doorslaggevend. De Belastingdienst kijkt bij de beoordeling of de belastingplichtige nog kwalificeert als ondernemer met name naar het gebruik van de gebouwen en gronden alsmede het (resterende) aantal stuks vee. Indien de Belastingdienst oordeelt dat er niet langer sprake is van een onderneming, dan volgt een algehele afrekening.

Vooroverleg met de Belastingdienst

Om aan de voorkant duidelijkheid te verkrijgen en problemen achteraf te voorkomen (bedongen stakingslijfrente, waarvan Belastingdienst achteraf de aftrek weigert), adviseren wij u in dergelijke gevallen in samenspraak met uw belastingadviseur vooraf te overleggen met de Belastingdienst.
In het geval van een algehele staking, kan tijdens een vooroverleg worden vastgesteld tot welke omvang de stakingslijfrente dan kan worden toegepast. Wordt uw standpunt van een gedeeltelijke staking gevolgd, dan heeft u vooraf duidelijkheid over de aanvaardbaarheid en komt u achteraf niet voor een verrassing te staan.