Zeven tips om uw kalveren te ondersteunen in de koude winterperiode

Voor kalveren in de eerste levensmaand is de winter een risicoperiode. Voor elke graad onder de 10° Celsius heeft een jong kalf namelijk twee procent meer energie uit melk nodig om zichzelf warm te houden. Als het kalf ziek is of de vacht nat is, dan stijgt deze energiebehoefte. Ook neemt een kalf minder voedingsstoffen op wanneer het diarree heeft.

Een optimale groei en gezondheid bij de jongste kalveren behalen tijdens de koude perioden vraagt daarom om extra maatregelen. Wat u zelf in de winter kunt doen:

  1. Optimaliseer de biestvoorziening. 
    Voor een goede weerstand van de kalveren moet de biestvoorziening optimaal zijn. Werken volgens het VVV-principe (vlug, vaak, veel) is hierbij een must. Mocht u twijfelen aan de kwaliteit (de concentratie van de antistoffen) van de biest van uw koeien, dan kunt u altijd wat biest testen. Met een refractometer kunt u bepalen of de biest aan de hoogste eisen voldoet.
  2. Hang een thermometer bij de kalveren.
    Is de staltemperatuur gemiddeld 5° Celsius, voer dan 10 procent meer. Daalt de temperatuur naar 0° Celsius, voer dan 20 procent meer.
  3. Gebruik goede kalvermelk. 
    Vooral in de eerste levensweken is een goed melkpoeder de basis voor een gezonde en snelle opfok van uw kalveren. Het is de juiste investering voor een rendabele opfok. Goedkoop is hierbij duurkoop!
  4. Voer de melk op de juiste temperatuur. 
    Het is belangrijk de melk rond 40° Celsius te verstrekken. Hierdoor gaat er geen onnodige energie van het kalf verloren. De kalveren drinken bij voorkeur via een speen. Beide maatregelen hebben als voordeel dat de melk beter in de lebmaag terechtkomt en de kans op een pensdrinker (kleischijter) vermindert.

Klik hier voor nog meer handige tips om uw jongvee gezond de winter door te krijgen.